Door Sanne | Vandaag heb ik weer een heel aantal meters doek gewassen, gestreken en gevouwen. En mán ik ben slecht in vouwen. En strijken. En wassen. Maar daar heb ik het al eens over gehad. Daar gaat het niet om. Wat het punt is: het is zo Zen om bezig te zijn met je ‘stash’ te ordenen. Dat dan weer wel. Want het is toch een beetje snuffelen in je eigen snoepwinkeltje. Vind ik dan.

Lekker lang mijmeren

Iedere doek heeft herinneringen, of roept een gevoel bij je op. Tijdens het strijken van die doeken kun je lekker lang mijmeren. Want het duurt wel even. Oh, deze had ik mee toen ik voor de eerste keer met Milo naar het bos ging. Wat lag hij heerlijk te slapen. En deze! In deze zat Milo toen hij voor het eerste een hele fles terug gaf. Lachuh joh. En ja, dat was een doek met merino & cashmere uiteraard. Kan niet in machine. Fijn. Lesson learned: Milo ziekjes? Alléén 100% katoen of in ieder geval easycare graag. We moeten het onszelf niet te lastig maken, he.

Pure kunst

En deze dan! Oh wat is ie móóóói, en watzithijfijnhee. Maar ik durf ‘m bijna niet te gebruiken, want dan wordt hij misschien wel vies. Of gaat hij stuk. En da’s zonde. Want een draagdoek is niet alleen een gebruiksvoorwerp, deze is pure kunst natuurlijk. De Sixtijnse Kapel is er niks bij. Zou ik me sowieso doodvervelen, in zo’n kapel. Ja goh, mooi plafond wel. Maar verder geldt voor mij: heb je één kapel/kerk gezien, dan allemaal wel. Niet het meest geduldige type, zeg maar. Dúúrt lang zo’n rondleiding. Maar ik dwaal af.

Een draagdoek vouwen doe je zo:

Als ze eenmaal gestreken zijn pleur je ze natuurlijk niet zo even in een kast. Zonde. En het wordt zo’n zooi dan he. Dus: we gaan vouwen. Nou mis ik het gen wat daarvoor nodig is. Om netjes te vouwen. Een onderbroek of t-shirt lukt me nog net. Zo’n doek is echt een drama. Ten eerste moet ik hem uitspreiden. Prima. Gaan we doen. De volledige babykamer en overloop is in gebruik, als ik één doek moet vouwen. Doek uitgespreid. Stap 2: dubbel vouwen. En daar gaat het al mis, he. Dubbelvouwen. Lastig. Want zo’n doek heeft geen mooie rechte hoeken, maar kunstig gesneden punten. En da’s lastig om precies goed ‘uit te lijnen’. Voor mij dan, voor een ander waarschijnlijk geen kunst. Na een keer of vier heen en weer te lopen om hem goed te leggen, recht te trekken, verdorie te ver, terug, nou is ie scheef, opnieuw, volgt stap 3: nog een keer dubbelvouwen. Of twee/drie keer nog. Dezelfde uitdaging. En dan héb je m eindelijk netjes recht gevouwen.


Lijkt het nog nergens op.


Gelukkig liggen ze hier in een gesloten kast, dus heel netjes hoeft het niet. Maar zou wel fijn zijn. Als ik dat zou kunnen. Ook iets met geduld en zo. Eenmaal gevouwen worden ze uiteraard keurig op kleur gesorteerd. Mooi, zo’n stapeltje.
Persoonlijk hou ik vooral van mijn ‘mono’s’. Mijn zwart/wit/grijze massa. Kijkt zo mooi. Dus we maken even een fotootje. Voor de heb. Of misschien om te delen op groepen met gelijkgestemde nerds. Laf it.

Een unicum

Als alles eenmaal grondig schoon, gekeurd, geaaid en gevouwen in de kast ligt, ben ik helemaal Zen. En da’s een unicum. Ik ben namelijk niet zo’n Zen persoon, iets te ADHD.
Totdat ik weer een doek uit de stapels moet hebben, dan. En da’s altijd de onderste natuurlijk. Zo één die ervoor zorgt dat álles overhoop ligt als je hem eruit haalt. In dat geval doe ik zo snel mogelijk de kastdeur dicht. Ik hoor er dan wat tegenaan vallen, maar da’s een probleem voor de volgende die de kast open trekt natuurlijk. Ik heb m’n best gedaan, toch?

 
 
Foto: yoga bij de wasmachine via Shutterstock
 





••Op mamaLou blogt maak ik soms gebruik van affiliatelinks. Dit betekent dat als jij via die link een aankoop doet, ik daar een commissie voor ontvang. Dit kost jou niets extra. Daarnaast word ik soms betaald of ontvang ik producten in ruil voor een artikel. Meer informatie vind je in mijn disclaimer. ••

 



%d bloggers liken dit: